Home Honden Blaasontsteking
Blaasontsteking PDF Print E-mail
zaterdag, 12 september 2009 18:27
Symptomen: 

Eén van de opvallendste symptomen van blaasontsteking is steeds kleine beetjes plassen. Soms zit er ook bloed in de urine. Het kan voorkomen dat de hond zit te persen. Een blaasontsteking kan dan verward worden met obstipatie. 

 

Oorzaken: 

De belangrijkste oorzaken voor een blaasontsteking zijn: 

 

  • Bacteriële infectie:

Bij de hond wordt een blaasontsteking bijna altijd veroorzaakt door een bacteriële infectie, dit in tegenstelling tot de kat. Een blaasontsteking komt dan ook vaker voor bij teven dan bij reuen, omdat teven een relatief kortere weg van de buitenwereld naar de blaas hebben. Bacteriën kunnen zo gemakkelijker opklimmen vanuit de buitenwereld en via de urineleider de blaas bereiken en in de blaas een ontsteking veroorzaken. 

Door een bacteriële ontsteking kan de zuurgraad (pH) van de urine stijgen en dit kan tot gevolg hebben dat bepaalde zouten in de urine gaan neerslaan: het vormen van gruis. Het gruis kan de blaas gaan irriteren en op deze manier de blaasontsteking in stand houden. Dit is dus erg belangrijk voor de behandeling van een blaasontsteking. Als de pH van de urine langere tijd hoog blijft kunnen er ook blaasstenen ontstaan


  • Blaassteen/gruis:

Het kan ook zijn dat de pH van de urine om andere redenen langere tijd afwijkend is en dat er daarom een blaassteen of gruis ontstaat, met als gevolg een blaasontsteking. Er zijn verschillende soorten gruis en dus ook verschillende soorten stenen. Het ontstaan ervan is afhankelijk van de pH: Bij een verhoogde pH ontstaan er trippelfosfaten (struviet), bij een verlaagde pH ontstaan er voornamelijk calcium-oxalaten. Blaasstenen en gruis kunnen dus zowel oorzaak als gevolg zijn van een blaasontsteking

 


Fig 1: Grote steen in de blaas

  • Overig: 

Andere, veel zeldzamere, oorzaken voor blaasontsteking zijn: trauma, systemische oorzaken, tumoren en poliepen. 

 

Onderzoek: 

Om zeker te weten of er sprake is van blaasontsteking, doen we bij passende symptomen altijd een standaard urineonderzoek. Hiermee bevestigen we of er sprake is van een blaasontsteking en kijken we onder de microscoop of er gruis in de urine zit. 
Soms komt het voor dat een blaasontsteking onvoldoende over gaat of snel weer terugkomt. In dit geval is verder onderzoek geïndiceerd. Verder onderzoek kan bestaan uit:


  • Bacterieel onderzoek (B.O.) van steriele urine: 

Met een bacterieel onderzoek kijk je welke bacterie er in de urine zit en voor welk antibioticum de bacterie goed gevoelig. Daarnaast krijg je bij een positieve kweek ook een definitieve bevestiging of er sprake is van een blaasontsteking. 
Het is belangrijk om deze kweek in te zetten met steriele urine: dit is urine die door middel van een blaaspunctie is verkregen. Als urine opgevangen wordt, kweek je namelijk ook de bacteriën uit de onderste urinewegen of uit de buitenwereld. 
Een b.o. doen we zelf in onze kliniek, zodat we sneller een uitslag hebben 


  • Echo/foto: 

Als er een blaassteen in de blaas zit, houdt deze de blaasontsteking in stand. Het geven van antibiotica werkt dan dus onvoldoende. Met een echo en een röntgenfoto kunnen we blaasstenen uitsluiten/aantonen. Sommige stenen zijn niet zichtbaar met behulp van echografie: daarom doen we altijd beide onderzoeken. 
Met de echo en röntgenfoto kunnen we ook kijken naar eventuele tumoren of poliepen. Bij jonge honden, die een bepaald soort steen hebben (ammoniumuraten) kan een onderzoek naar de lever geïndiceerd zijn.
Zowel de echo als de röntgenfoto kan bij ons in Voorschoten gemaakt worden. 


  • Video-endoscopie: 

Bij een video-endoscopie gaan we met een camera via de urineleider de blaas in om deze in beeld te krijgen. 

 

Therapie: 

Aangezien een bacteriële infectie de belangrijkste oorzaak is voor een blaasontsteking, geven we antibiotica mee. Daarnaast doen we, indien nodig, ook verder onderzoek naar de oorzaak van de problemen. 
Als we ook gruis in de urine vinden, geven we ook een dieet mee. Een goed blaasdieet zorgt voor het volgende:

  • Daling van de pH
  • Minder zouten in de urine.
  • Meer vorming van urine, waardoor eventueel gruis eerder uitgeplast wordt. 

Blaasdieet dat aan deze eisen voldoet is alleen verkrijgbaar bij dierenartsen. De blaasdiëten die te kopen zijn in dierenwinkels voorkomen alleen maar dat er blaasgruis ontstaat.  

Na een aantal weken controleren we of het gruis weg is. Als dit het geval is, mag de hond stoppen met het dieet.  Als de hond dan op korte termijn weer last van gruis in de urine krijgt, moet hij levenslang op blaasdieet blijven. 

Als we een steen in de blaas vinden zal deze operatief verwijderd moeten worden.

 
f
ig 2: blaasstenen