De lever van de hond en kat is een vrij groot orgaan dat voorin de buik, tegen het middenrif aan ligt. Al het bloed dat vanaf de darmen komt en weer terugstroomt naar het hart wordt door de lever gezuiverd. Voor dit doel worden de bloedvaten die naar de lever toegaan steeds kleiner totdat het  minutieuze vaatjes zijn. Er is daardoor een zeer nauw contact tussen het bloed en de levercellen. Na dit contact worden de vaten weer steeds groter totdat er een zeer groot bloedvat ontstaat dat van de lever naar het hart loopt.

Functies van de lever

1. Verwijderen van afvalstoffen uit het bloed. Bij de verbranding van eiwitten in het lichaam ontstaat het zeer giftige ammoniak. De lever haalt dit uit het bloed en zet deze ammoniak om naar het veel minder giftige ureum, dit ureum wordt dan weer door de nieren uit het bloed gefilterd en naar de urine afgevoerd. Veel lichaamsvreemde stoffen worden ook door de lever uit het lichaam verwijderd. Zeer bekend hierbij is het verwijderen van alcohol uit het bloed (komt bij onze huisdieren hopelijk niet zo vaak voor).

2. Na ongeveer 7 weken dienst worden de rode bloedcellen uit de bloedbaan gehaald, omdat ze dan versleten zijn. De lever is het orgaan die dat regelt. Van deze oude bloedlichaampjes maakt de lever de gal. Deze gal wordt opgeslagen in de galblaas en als er vet te verteren valt in de darm wordt de gal naar de darm gepompt. Galkleurstof wordt in het medisch jargon ook wel bilirubine genoemd. Lukt het de lever niet de gal af te voeren naar de darm dan “lekt” de galkleurstof (bilirubine) terug naar het bloed. Deze galkleurstof is zeer geel. Blijft er in het lichaam veel te veel bilirubine achter dan nemen allerlei weefsels een gele kleur aan. Men spreekt bij ernstige leverproblemen dan ook vaak van geelzucht.

3. Aanmaak van bloedeiwitten, en daardoor ook een belangrijke rol in de bloedstolling.

4. De lever speelt een belangrijke rol bij de verwerking van vetten.

Hoe is de lever te onderzoeken?

1. Door bloedonderzoek

Het onderzoeken van leverwaarden in het bloed dient een aantal doelen, namelijk de beschadiging van de levercellen in kaart te brengen en te kijken of de lever zijn werk nog goed doet.

  •  De beschadiging van de levercellen meten: Door de zeer bijzondere functies van de lever hebben de levercellen ook andere enzymen dan cellen van andere organen. Raken levercellen beschadigd door ontstekingen of andere oorzaken dan verschijnen deze enzymen in grotere hoeveelheden dan normaal in het bloed. Een heel stel van deze enzymen zijn in het bloed te meten. En met onze moderne bloedcomputers is dit vrij eenvoudig te doen.
  • Bepalen van de leverfunctie: Hiervoor kunnen we 2 metingen verrichten: het bepalen van de hoeveelheid galkleurstof (bilirubine) en het bepalen van het ammoniakgehalte. In ons standaard bloedonderzoek controleren wij altijd de hoeveelheid galkleurstof (bilirubine) in het bloed. Een andere functie van de lever is het verwijderen van afvalstoffen uit het bloed, o.a. ammoniak. Als wij het vermoeden hebben dat de lever deze functie niet goed uitvoert (zie ook  het stukje over hepatoencepaholpathie), kunnen wij ammoniak in het bloed bepalen. Ammoniak is een giftig afvalprodukt van de eiwitstofwisseling en wordt door de lever uit het bloed gehaald. Indien dit onvoldoende gebeurt, meten wij een te hoog ammoniakgehalte in het bloed. In het verleden was dit altijd lastig te bepalen, maar tegenwoordig  beschikken wij over apparatuur om ammoniak te meten. Dit is dus geen standaardbepaling. Het feit dat er meer bilirubine en/of leverenzymen in het bloed zitten dan normaal is dus een sterke aanwijzing dat er met de lever iets aan de hand is. Helaas zeggen deze waarden erg weinig over de oorzaak van de problemen.

2. Echo

Met de echo is het mogelijk de structuur van de lever in beeld te brengen. Het is dan mogelijk de grote van de galblaas, de grote van de galgangen en eventuele bloedvat afwijkingen te zien. Uiteraard zijn ook een aantal tumoren op deze manier goed aan te tonen.

3. Biopsie

Structuur afwijkingen en/of verdichtingen kunnen vaak weer verschillende oorzaken hebben. Deze verschillende oorzaken hebben ook weer heel verschillende gevolgen voor zowel behandeling als vooruitzichten van de patiënt. Om de diagnose helemaal rond te krijgen is het dan ook vaak nodig een klein stukje weefsel  (biopsie) uit de lever te halen en te laten beoordelen door een patholoog.

Het risico bij het nemen van een biopsie is dat er bloedingen ontstaan in de lever, immers de lever speelt een belangrijke rol in de bloedstolling. Bij lever problemen is er dus een reële kans dat er ook stollingsproblemen zijn. Het is dus ook verstandig om alvorens een biopsie te nemen de kwaliteit van de bloedstolling te testen. Zowel het bloedonderzoek, als de echo als de bepaling van de bloedstolling en het nemen van de biopsie kan bij ons gedaan worden.

Vragen?

Mocht u nog vragen hebben, u kunt de dierenartsen bereiken tijdens het telefonisch spreekuur (maandag t/m zaterdag tussen 08.00 en 09.00) of maak een afspraak met een dierenarts op onze vestiging in Leiden of Voorschoten.

shutterstock 69203524 300x300 Veelgestelde vragen

 


Lever algemeen en onderzoek bij de kat